Open brief aan Han Polman

Beste en geachte meneer Polman,

Volgens mij hebben we elkaar nooit persoonlijk ontmoet, ik probeer me dan ook al een aantal jaren wat afzijdig te houden van politiek, vanavond wond ik me echter zo op over wat ik via de media vernam dat ik nu de behoefte voel een open brief aan u te schrijven.

Vorige week las ik dat Donald Trump uitgenodigd is voor de herdenking van de Slag om de Schelde in Terneuzen. Dat vond ik bijzonder maar ook wel goed nieuws. De Slag om de Schelde is altijd een beetje ‘ondergewaardeerde’ slag geweest in de geschiedenis waarbij duizenden Zeeuwse burgers omkwamen en die diepe sporen in de lokale gemeenschappen achterliet.
De verhalen van mijn moeder die onlangs overleed kwamen weer boven. Verhalen over de Amerikaanse troepen die in Antwerpen gelegerd waren aan het eind van 1944 en via de Westerschelde via vrachtschepen van de geallieerden bevoorraad werden terwijl ze beschoten werden door Bibers en dat zij vanaf de dijk de schittering zag van de zon in het glazen stukje Biber boven water waar één eenzame Duitser in zat met als opdracht die vrachtschepen te vernietigen. En dat haar moeder -mijn oma- hen naar binnen riep en ze niet op de dijk mochten.
Ik grapte dat ik het wel gepast zou vinden dat Trump in Terneuzen ontvangen wordt door Kapitein Rooibos. Over de Schelde, en de Noordzee.

Vandaag las ik dat u het niet nodig vond de Russen uit te nodigen voor die herdenking omdat die niks betekend hebben voor de Slag om de Schelde. Daar zit wat in. Ze verloren weliswaar 22 miljoen mensen tijdens hun hulp bij het verjagen van de Nazi’s en Hitler, maar er heeft hier in Zeeland inderdaad geen Rus gevochten. Die waren allemaal al lang gesneuveld voor ze het westen hadden bereikt.
Een regel verder stond dat u wel de Duitse regering een uitnodiging stuurde.

Beste meneer Polman, u hoeft van mij de Russen echt niet uit te nodigen voor de herdenking van de Slag om de Schelde maar tegelijkertijd de Duitsers wel uitnodigen is een enorme klap in het gezicht van iedereen die de persoonlijke verhalen uit die zes weken Zeeuwse horror nog wel kennen.

Ik heb zelf niks tegen Duitsers, ze zijn vaak mijn beste klanten, ik spreek ze aan in hun moedertaal, en ze zijn van harte welkom in onze provincie en in mijn winkel maar ze uitnodigen bij de herdenking van de Slag om de Schelde is als in New York Saoedie-Arabië uitnodigen bij de herdenking van 911.

Breskens verloor op 11 september 1944 meer dan 10% van haar burgerbevolking tijdens de Slag om de Schelde en het bombardement van de geallieerden op 11 september ’44 om de Duitsers de pas af te snijden. Wat lukte.
Mijn moeders verhaal over dat najaar schreef ik tien jaar geleden al eens op.
En u nodigt de Duitsers uit.

Mijn moeder was acht jaar oud in het najaar van 1944, ze woonde net buiten Breskens. Er waren Canadese en Britse parachutisten geland. Duitsers vielen met veel geweld hun huisje binnen op zoek naar die parachutisten en sloegen haar kleine broertjes knieën met een geweer kapot met de woorden: “Er muss hier wesen! ”
Dat vertelde ze nog op haar 80e.
En u nodigt de Duitsers uit.

Mijn tante Marie was net geboren. Ze zaten met zeven in een schuilkelder die mijn opa groef in de dijk. Ze lagen op stro.
Opa ging met een witte vlag naar de Canadezen die bovenop die dijk vochten met de Duitsers waardoor hun schuilkelder dreigde in te storten en vertelde over de pasgeboren baby. Opa kreeg het voor elkaar en ze gingen een stukje verder vechten.  De buurjongen overleefde dat niet.
En dat van die buurjongen mocht ik toen mijn moeder het me ruim tien jaar geleden bij leven vertelde niet opschrijven. Want zelf overleven betekende ook anderen opofferen. En daar heeft ze de rest van haar leven moeite mee gehad.
En u nodigt de Duitsers uit.

Mijn opa vond op het strand welkome rantsoenen die eigenlijk bestemd waren voor de Amerikanen nadat het schip dat die naar Antwerpen naar Amerikaanse troepen moest vervoeren vernietigd was door een bom van een Duitse Biber.
En u nodigt de Duitsers uit.

Mijn ouders en grootouders hebben als gevolg van die zes weken heftige Slag om de Schelde de rest van hun leven moeite gehad als ze iemand Duits hoorden spreken.
U kent vast de regionale geschiedenis niet uit de persoonlijke verhalen.
In de jaren ’70 werd het huis naast ons als tweede woning gekocht door een Duitser. Hoezeer die man ook zijn best deed en cadeautjes bracht, mijn ouders hadden het alleen over ‘Die Duitser’ en hielden afstand.
En u nodigt de Duitsers uit.

Mijn Tante Jet (het was een nicht van mijn vader maar ook mijn peettante) trouwde op 9 mei 1940 en het einde van haar bruiloft was het begin van de 2e wereldoorlog. Ze begon op die dag ook in IJzendijke haar winkel in fournituren, stoffen, BH’s, lange onderbroeken en zo.
Toen Duitse officieren in haar winkel inkwartierden hing ze rebels een portret van Wilhelmina op die ze ook liet hangen. Tot de Slag om de Schelde.
En u nodigt de Duitsers uit.

De provincie hamert er op dat bij de herdenking van de Slag om de Schelde de nadruk ligt op persoonlijke verhalen. Hierboven ziet u er een aantal.
Mijn grootouders, mijn ouders, mijn oom Ceriel wiens knietje kapotgeslagen werd op zijn vierde en ook mijn tante Jet zijn inmiddels allemaal overleden. Zij kunnen hun verhalen niet meer vertellen, maar ik ken ze nog wel.
En uit respect voor al deze persoonlijke verhalen- waarvan elke West-Zeeuws-Vlaamse familie eigen versies heeft-, de strijd die mensen en families gevormd hebben – die voor verlies, pijn en verdriet zorgde – en zo’n beetje half West Zeeuws-Vlaanderen van de kaart veegde met duizenden slachtoffers, zou u deze herdenking moeten vieren met de mensen die ons destijds hebben bevrijd. De Canadezen, de Britten, de Polen, de Amerikanen.

Duitsers zijn elke dag van het jaar welkom in onze provincie, we spreken ze aan in hun moedertaal, we ontvangen ze in onze bedrijven en op onze stranden, we maken grapjes met ze, we drinken met ze, maar op de herdenking van de Slag om de Schelde is er wat mij betreft geen plaats voor ze.
Juist uit respect voor al die persoonlijke verhalen en dat trauma die mijn generatie nog wel kennen van de inmiddels overleden generatie en de pijn die nog steeds gevoeld wordt.

Ik wens u veel wijsheid.

Met vriendelijke groet,

Petra de Boevere

5 reacties op “Open brief aan Han Polman

  1. Ik ben geen Zeeuws-Vlaming van geboorte maar heb wel de geschiedenis van de slag om de Schelde van vele mensen gehoord. Het huis waarin ik woon draagt zelfs nog de sporen van de beschietingen. Ik kan dan ook niet anders dan Petra 100% gelijk geven in haar stelling de Duitsers bij deze herdenking lekker thuis te laten.

  2. Mijn roots liggen in Zeeland, waar de oudste broer van mijn vader brugwachter was op het kanaal Gent-Terneuzen. Direct na de bevrijding van zuid Nederland werd door Engeland gevraagd om logistieke ondersteuning voor de oprukkende geallieerde troepen onder hun commando, heb daardoor veel meegekregen over die periode. Ben het helemaal eens met je brief.

  3. De Russen niet uitnodigen, de Duitsers wel. Ook Polman draagt zijn steentje bij om het anti Russische sentiment nieuw leven in te blazen. Hebben we zin in de Koude Oorlog zoals in de jaren vijftig? Het Oostfront was voor de Duitsers de hel.
    Uit de Groene Amsterdammer:

    Een mythe die vooral ter westerzijde van de Atlantische Oceaan leeft, maar ook aan deze kant in vele vormen wordt gebezigd: Zonder de Amerikanen spraken we hier, figuurlijk gesproken, wellicht geen Duits maar Russisch. De VS waren van cruciaal belang bij de ondergang van het Duitse Rijk. Maar het cruciale front tegen Duitsland was dat in het oosten, en daar had Duitsland al lang voor D-Day de strijd verloren, zelfs na de geallieerde landing bleef tweederde van de Duitse strijdmacht aan het oostfront vechten. Een veelzeggende vergelijking: Duitsland verloor aan het oostfront vier miljoen soldaten, aan het westfront tweehonderdduizend. Maar Rusland uitnodigen?

  4. 11september 1944 is in onze familie een beladen dag. Op die dag kwamen 17 van Hanegems om bij het bombardement op Breskens. Waaronder de vader van mijn man. Een broertje ging buitenspelen en is nooit meer thuisgekomen. Mijn schoonmoeder heeft tot ver in de jaren 60 gedacht/ gehoopt dat hij terug zou komen. De gevolgen van de oorlog werkt dus nog steeds door en gaat wellicht nooit helemaal over. De burgemeester geeft met zijn uitnodiging aan hier bijzonder weinig van te snappen.

  5. Ik ben een kind van na de oorlog: een katholieke moeder en een joodse vader. Mijn vader wordt postuum op 18 september a.s. geëerd met een plaquette in mijn geboortedorp, omdat hij vele joodse mensen en vooral kinderen heeft kunnen redden uit handen van de Duitsers door onderduikadressen te zoeken en ze er naar toe te brengen.
    Mijn vader heeft mij geleerd om de Duitsers niet te haten, ondanks het feit dat zijn hele familie verder in concentratiekampen is beland en daar of vergast of overleden is.
    Maar Duitsers (lees politieke leiders) uit te nodigen voor een herdenking: dat kan absoluut niet. Ik ben het volledig met Petra eens

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *