Champagneklopper

Column gepubliceerd in Drinks Slijtervakblad 6/7 2010

champagneklopper“En we hebben ook zilveren champagnekloppers.” Ik was bij de zilversmid in Aardenburg om mijn moederdagcadeau op te halen. Ik was verliefd geworden op een zilveren Zeeuwse Knop aan een “spang”, dat is een draadje van edelstaal dat een van origine klassiek zilveren sieraad plotseling een stuk eigentijdser maakte dan aan een ketting van schakels, bloedkoraal of zwarte gitten zoals mijn Zeeuwse voorouders die droegen.

“Een champagneklopper??” was mijn verbaasde wedervraag. Daar stond ik dan met mijn goede gedrag. Ik dacht toch wel behoorlijk wat wijnkennis te bezitten, maar van een champagneklopper had ik nog nooit gehoord. “Wat moet ik me daar bij voorstellen? Champagne ga je toch niet kloppen?” De zilversmid haalde een foto tevoorschijn van een zilveren kleinood die als broche of hanger geleverd kon worden. En toen kwam het mooiste wijnverhaal dat ik in tijden hoorde. Hij nam me mee naar het Parijs aan het eind van de 19e eeuw. Het was het frivole tijdperk wat later ‘La Belle Epoque’, het mooie tijdperk, genoemd werd. Getraumatiseerd door de ellende van de 1e wereldoorlog keek men in Frankrijk kort na die oorlog met nostalgie terug op de zorgeloze jaren 1890-1914 waarin de industrie opbloeide, de techniek vooruit vloog en de cultuur bloeide als nooit tevoren. Frankrijk voelde zich het middelpunt van de wereld. Het was het Parijs van Henri de Toulouse-Lautrec, Vincent van Gogh, de Absint en de dames van plezier. Dames, want dat waren het.

De Belle Epoque was de tijd van het ontstaan van cabaret en de can-can in de nachtclub Moulin Rouge. Nieuwe ontwikkelingen in techniek en wetenschap gingen razendsnel. In 1889 was de Eiffeltoren, het symbool van die technische vooruitgang geopend tijdens de wereldtentoonstelling. De bicyclette was net uitgevonden, de eerste auto’s en eerste vliegtuigen deden hun intrede en laten we de Tour de France ook niet vergeten. De ontwikkelingen gingen zo ontzettend snel dat er ook wel wat vertwijfeling ontstond. Vrijheid leek onbeperkt en prostitutie, losbandigheid, en verslaving waren niet langer taboe.
“Die hoeren in Parijs waren echte dames hoor” vervolgde de zilversmid. Inmiddels had ik in mijn hoofd de schilderijen van Toulouse-Lautrec vol vrouwen met zwierige rokken en hoorde de Can-can muziek ook ergens ver in mijn geheugen. “Ze moesten zoveel champagne drinken dat ze daar tijdens ‘de daad’ vaak last van kregen. Door gasvorming kwam er tijdens de daad ongewenste lucht vrij.”
“Ze gingen boeren?” vroeg ik misschien een beetje naïef. “Ja zoiets ja”. Hij keek me even doordringend aan alsof hij zich afvroeg of hij gedetailleerder moest worden. Ik besloot hem niet verder aan te moedigen. “Die dames hadden deze champagnekloppers om de bubbels uit de Champagne te roeren waardoor ze geen last van die gasvorming kregen.”
“En droegen ze die dan als broche of hanger?”
“Ze hadden vaak kleine chique tasjes waar de klopper in zat.”
Ik vond het een prachtig verhaal. Nu wil ik alleen nog weten of ze de champagne stiekem klopten of dat het kloppen van de champagne aan het eind van de 19e eeuw ook al geen taboe meer was en dat gewoon open en bloot gebeurde. Iemand?

0 reacties op “Champagneklopper

  1. Het verhaal van de champagneklopper is prachtig. Zal ook vast wel waar zijn. Ik ken het verhaal ook, maar dan in een wat onschuldigere versie: Omdat de dames (niet persé die van plezier; ook “gewone”) boertjes gingen laten door de wat al te opdringerige bubbels, “klopten” ze die uit de champagne met een kleine champagne-garde. Boeren werd onwelgevoegelijk gevonden. Dit voorwerp, soms van zilver of goud maar vaker van ivoor of kunststof (een “Early Plastic” in goed Nederlands) trof men aan op soiree’tjes en Diners Dansants. Het was een voorwerp dat zonder gène werd gebruikt en werd bewaard in het damestasje. Bij de poederdoos en het balboekje. Momenteel heb ik er drie in mijn winkel. Het is een gebruiksvoorwerp uit de 2e helft 19e eeuw. Hartelijke groet, Johanneke de Vries Noorbergen, De Keukenkroon, Middelburg. Winkel in Culinair Antiek.